In gesprek met modeontwerper Pauline van Dongen: Zonnestof werpt een ander licht op textiel

Op een – hoe toepasselijk – megazonnige dag vertelt Pauline van Dongen over haar ideeën voor Zonnestof, een van de stadmakerprogramma’s van het Ruimtekoers festival. Ze is als modeontwerper gespecialiseerd in ‘wearable technology’, dus eigenlijk techniek die je kunt aantrekken en dragen.  

‘Wearable technology’ is een t-shirt met zonnecellen

Dat klinkt misschien onwaarschijnlijk, maar Pauline maakt het juist heel tastbaar en concreet. Denk maar aan een T-shirt met een patroon van zonnecellen of een rugzak met daarin zonnecellen verwerkt. Zo maakt technologie de dingen die je draagt meer duurzaam en betekenisvol. En waar sommige ontwerpers zich misschien graag opsluiten in een atelier voor het bedenken en uitvoeren van hun ideeën; daar gaat Pauline in haar ontwerpproces graag op zoek naar de mening en inbreng van de mensen die haar producten gaan gebruiken.  

“Voorál bij kleding of textiel, omdat mensen dat dicht op hun lichaam dragen”, legt Pauline uit. “Of omdat ze, bijvoorbeeld bij een plaid of sprei, zich eronder nestelen. Dat maakt het tot een intiem(er) product. Binnen de commerciële industrie is het vaak een vaststaand gegeven wat er ontwikkeld wordt en vervolgens de markt op gaat. Maar bij zoiets persoonlijks en intiems als kleding, wil ik juist vanaf het begin de drager betrekken. Ik houd ervan om met die subjectiviteit – dus op basis van ervaringen en meningen van mensen – te werken.” 

‘Wearable technology’ is een t-shirt met zonnecellen waarmee je jouw telefoon kunt opladen

Duurzaamheid veel persoonlijker maken door zonnecellen zélf te dragen

Volgens Pauline is het soms nog een hele uitdaging om duurzaamheid op de agenda van zoveel mogelijk mensen te krijgen. Maar door duurzaamheid persoonlijker te maken en dichterbij te brengen – soms letterlijk heel dichtbij, omdat je het kunt aantrekken en dragen – lukt dat beter, hoopt ze. “Een kledingstuk met zonnecellen daarin verwerkt is niet groot, zwaar, duur of ongrijpbaar”, legt ze uit. “Wat ook helpt, is dat mensen hun eigen doel bedenken voor een ontwerp. Een nauw gedefinieerd product past nooit precies bij je als je het individueel gaat gebruiken. Ik bedoel: als ik zonnecellen verwerk in een doek- of kleedachtige vorm, dan vindt de één het fijn om het als picknickkleed te gaan gebruiken en de ander heeft het liever als schaduwdoek of om de piano stijlvol mee af te dekken. Door het uiteindelijke doel bij de gebruiker te laten, worden ontwerpen veel democratischer en voelen mensen zich er meer mee verbonden.” 

Een paar dagen geen elektricteit gebruiken als een onderzoek 

Samen met weefexpert Maaike Gottschal doet Pauline materiaalonderzoek en onderzoekt ze de relatie die mensen hebben tot de zon en duurzame energie. Dat laatste hadden beide dames liever nu al veel meer in interactie met wijkbewoners gedaan, maar dat lukt in verband met de coronacrisis (nog) even niet. Maar ze zitten zeker niet stil. Wat materiaalonderzoek betreft gaan ze gestaag door (denk maar aan praktische dingen als: kunnen de ontwerpsamples wel in de wasmachine?). En ook het ontwerpend onderzoek, zoals Pauline en Maaike het noemen, gaat verder. Ze doen daarvoor bijvoorbeeld zelf kleine experimenten. Pauline: “Maaike en ik hebben een aantal dagen geen elektriciteit gebruikt. Dan merk je pas je sterke relatie tot zonlicht. Als je geen lamp kunt aandoen, ga je ineens bepaalde hoeken van je kamer meer of minder gebruiken. Er ontstaat waanzinnig schaduwspel door je planten die licht laten spelen op je muur. En Maaike had bijvoorbeeld veel kaarsen in haar keuken en badkamer gezet. Ze ontdekte dat koken bij kaarslicht een heel aparte dimensie toevoegt aan zoiets ‘alledaags’ als eten klaar maken.” 

Kunnen deze zonnestof samples wel in de wasmachine? Blijven ze het dan doen?

Een wat? Een Guerrillaweefsessie!

Maar natuurlijk kriebelt het wel om mensen uit de wijk te betrekken. Mét inachtneming van de nieuwe regels. Pauline en Maaike denken nu over een ‘guerrillaweefsessie’. Dat betekent dat ze op een plek in de openbare ruimte één of twee grote weefgetouwen neerzetten, waar mensen in kleinere groepjes samen kunnen meeweven. Pauline: “Mensen hebben na het thuisblijven behoefte aan sociaal contact en ze vinden het leuk als er weer eens wat gebeurt op straat. Wij zijn heel blij met de inbreng van bewoners: hoe kijken zij naar stof, draagbaarheid, duurzaamheid, wat vinden ze belangrijk, wat vinden ze mooi? Voor ons zijn die reacties heel waardevol. Je kunt als ontwerper niet in een ivoren toren gaan zitten. Dan sla je ergens de plank mis.” 

Wil je op de hoogte blijven van Pauline en Maaikes plannen? Volg hier nieuws omtrent de guerrillaweefsessie en meer.